Probleemanalyse
Het Zuidelijk Maasdal is een gebied waar veel samenkomt. De Maas stroomt hier door stad en landschap, langs woonwijken, natuurgebieden, historische plekken en belangrijke vaarwegen. Juist daardoor spelen er verschillende opgaven tegelijk: hoe zorgen we voor bescherming tegen hoogwater, hoe blijft scheepvaart veilig mogelijk, hoe versterken we natuur en hoe behouden we wat dit gebied bijzonder maakt? Om deze vragen goed te kunnen beantwoorden, is de probleemanalyse opgesteld. Deze kunt u bekijken onderaan deze pagina.
Wat staat er in de probleemanalyse?
Dit document brengt in beeld wat er speelt in het Zuidelijk Maasdal, waar knelpunten zitten en hoe de verschillende opgaven met elkaar samenhangen. Voor een aantal opgaven worden ook al mogelijke oplossingsrichtingen verkend zonder dat hierover al keuzes zijn gemaakt. De basis voor de probleemanalyse werd gelegd met een aantal onderzoeken naar de werking van het riviersysteem van de Maas. Daarbij is niet alleen gekeken naar de huidige situatie, maar ook naar de toekomst. Klimaatverandering zorgt ervoor dat hoge waterstanden en extreme afvoeren vaker kunnen voorkomen. Dat heeft gevolgen voor het hele gebied. Deze analyses maakten duidelijk waar de belangrijkste knelpunten liggen, bekeken vanuit vijf thema’s:
- Hoogwaterveiligheid,
- Scheepvaart,
- Rivierkunde (de werking van de rivier),
- Natuur,
- Gebiedskwaliteiten (alles wat het gebied bijzonder en prettig maakt).
Opgaven verbonden met elkaar
De probleemanalyse brengt deze inzichten samen. De verschillende knelpunten zijn niet los van elkaar bekeken, maar juist in samenhang. Zo is bijvoorbeeld onderzocht hoe het verruimen van de rivier invloed kan hebben op de bescherming tegen hoogwater, en welke effecten dat weer heeft op natuur, scheepvaart en de inrichting van de omgeving. Door steeds te schakelen tussen het geheel en specifieke plekken in het gebied, ontstaat een integraal beeld van de opgaven in het Zuidelijk Maasdal.
Nog geen besluiten
Het is belangrijk om te benadrukken dat het project zich nu nog in een verkennende fase bevindt. De komende periode worden opgaven en knelpunten nog verder in kaart gebracht en gaan we aan de slag met bouwstenen en oplossingen. Dat doen we samen met bewoners en andere betrokkenen. Er zijn op dit moment nog geen keuzes gemaakt en geen besluiten genomen over oplossingen.
Opgaven per deelgebied in kaart gebracht
In de probleemanalyse is beschreven wat er speelt in het Zuidelijk Maasdal. Met de knoppen hieronder ziet u per deelgebied een korte samenvatting.
In het deelgebied Grindmaas spelen de opgaven zich af langs twee wateren: de Maas en het Julianakanaal. Langs de Maas is het verbeteren van de hoogwaterveiligheid een belangrijke opgave.
Bij Bosscherveld moet de dijk worden verhoogd en versterkt om ook in de toekomst voldoende bescherming te blijven bieden. Bij Itteren wordt onderzocht of aanvullende maatregelen nodig zijn om te voorkomen dat water onder de dijk door kan stromen. Voor de dijk bij Borgharen is op dit moment geen opgave voorzien. Om goed te kunnen bepalen wat precies nodig is, vindt in het voorjaar van 2026 aanvullend veldonderzoek plaats. De resultaten daarvan helpen om de opgaven verder te verduidelijken en zorgvuldig af te wegen.
Verder is de verbetering van de natuur een belangrijke opgave. In het gebied is al veel natuur ontwikkeld door het Grensmaasproject, maar volgens landelijke afspraken moeten er meer natuurgebieden komen en moet de kwaliteit van de bestaande natuur verbeteren. Dit houdt in dat er meer variatie in het landschap nodig is, zoals meer hoogteverschillen en bredere overgangen tussen land en water, zodat bepaalde plantensoorten beter kunnen groeien. Vooral rond Itteren zorgen slibafzettingen in grindrijke gebieden voor een minder gunstige situatie voor de natuur en de waterkwaliteit.
Het Julianakanaal is een belangrijke vaarweg, maar kent enkele knelpunten voor de scheepvaart. Het kanaal is te smal en ondiep voor grote schepen om elkaar veilig te passeren. Een ander probleem is de invaart, waar schepen vanuit de Maas het kanaal opvaren. Door verschillen in stroming op de Maas en het Julianakanaal en de beperkte afmetingen van de invaart ontstaan er onveilige situaties, vooral bij hoge waterstanden. Als schepen te langzaam varen, worden ze door de stroming van koers gedrukt, wat kan leiden tot botsingen met de oever of obstakels. Als schepen te snel varen, kan de boeg te veel zakken in het water, wat gevaarlijk is voor de stabiliteit van het schip, vooral bij schepen die vanuit het kanaal de Maas opvaren.
Bekijk hier een presentatie over de opgaven in de Grindmaas.
De Stadsmaas is een gebied waar veel opgaven samenkomen, terwijl de beschikbare ruimte beperkt is. Maastricht is historisch langs de Maas gegroeid en heeft de rivier in de loop der tijd steeds verder ingesloten. Daardoor is een flessenhals ontstaan: de Maas heeft hier weinig ruimte om water af te voeren en bruggen, kades en bebouwing beperken de doorstroming.
Bij hoge afvoeren leidt dit tot hoge waterstanden en sterke stroming, wat zowel risico’s oplevert voor de waterveiligheid als voor de scheepvaart. Door klimaatverandering neemt de kans op zulke situaties toe, terwijl bestaande keringen, kades en hoge gronden op sommige plekken niet voldoende bescherming bieden. De kern van de opgave in de Stadsmaas is daarom het vinden van meer ruimte voor de rivier, juist binnen de stad. Door de flessenhals te verruimen kunnen waterstanden en stroomsnelheden dalen. Dat maakt het gebied veiliger en biedt tegelijk kansen om de Maas en haar oevers opnieuw en beter in te richten.
Langs de oostoever liggen grote uitdagingen bij het versterken van waterkeringen, onder andere bij de historische kademuur en het Waterpoortje. Tegelijkertijd zijn er kansen, bijvoorbeeld bij het Griendpark en de gebiedsontwikkeling Trega-Zinkwit, om de Maas meer ruimte te geven, groene verbindingen te maken en de relatie tussen stad en rivier te versterken. Aan de westoever, rond het Stadspark en de monding van de Jeker, kan verruiming van de Maas juist extra effectief zijn en ruimte bieden voor natuur, verblijf en betere routes langs het water.
Ook in de Maas zelf zijn er knelpunten. Het Scheepvaartkanaal tussen de Wilhelminabrug en de Sint Servaasbrug is smal en ondiep, waardoor schepen bij hoge waterstanden moeilijk kunnen varen. Aanpassingen aan de bruggen, bijvoorbeeld door de rivierbodem onder de brugbogen te verlagen, kunnen helpen om de doorstroming te verbeteren. Zo krijgt de Maas meer ruimte, nemen waterstanden en stroomsnelheden af en verbetert de veiligheid voor de scheepvaart.
Bekijk hier een presentatie over de opgaven in de Stadsmaas.
In het deelgebied Mergelmaas zijn de opgaven met name gericht op hoogwaterveiligheid en natuur.
Aan de oostoever ligt een belangrijke opgave op het gebied van hoogwaterveiligheid. De waterkeringen bij Heugem-Randwyck en Eijsden zijn op termijn niet hoog genoeg om het gebied te beschermen tegen hoogwaters. Door klimaatverandering worden hogere waterstanden verwacht, waardoor deze keringen versterkt en verhoogd moeten worden. Dat is een ingrijpende opgave, maar biedt tegelijk kansen. Bij het aanpassen van de dijken en hoge gronden kan ook worden gewerkt aan betere wandel- en fietsroutes langs de Maas en aan een sterker contact tussen de rivier en de omliggende woonwijken.
Naast waterveiligheid speelt hier een grote natuuropgave. In het kader van landelijke afspraken is hier de uitdaging om extra hectares riviergebonden natuur te ontwikkelen. Hiervoor wordt gekeken naar gebieden rond de Eijsder Beemden en bij Laag-Caestert, in de omgeving van Fort Navagne. Deze ontwikkelingen bieden mogelijkheden om natuur, cultuurhistorie en recreatie beter met elkaar te verbinden. Zo zou het fort zichtbaarder kunnen worden in het landschap en kan het gebied aantrekkelijker worden ingericht voor bezoekers.
Het gebied rond het Grindgat Oost-Maarland en de Pieterplas laat zien hoe verschillende belangen samenkomen. Deze plekken worden intensief gebruikt voor recreatie, maar kampen tegelijkertijd met ecologische druk en problemen met de waterkwaliteit, zoals slibophoping en blauwalg in de zomer. Een andere indeling van het gebied zou ervoor kunnen zorgen dat de natuur meer rust krijgt, de waterkwaliteit verbetert en recreatiegebieden beter met elkaar worden verbonden.
Aan de westoever ligt de hoogwateropgave vooral bij St. Pieter. De bestaande waterkering moet worden verbeterd en beter worden aangesloten op de omliggende hoge gronden. Tegelijkertijd biedt de herontwikkeling van het ENCI-terrein kansen om nieuwe fiets- en wandelverbindingen te maken en de relatie tussen de stad, de Maas en het landschap te versterken.
Bekijk hier een presentatie over de opgaven in de Mergelmaas.